De diagnose-behandelcombinatie (dbc) uitgelegd

Ziekenhuizen, zelfstandig behandelcentra (zbc’s) en zorgverleners in de specialistische ggz werken met een diagnose-behandelcombinatie (dbc). Ook wel dbc-zorgproduct genoemd. Waarom is zo’n rekening soms best flink, ook al bent u misschien maar 5 minuten bij een arts op gesprek geweest? En over welk jaar betaalt u eigen risico? Ontdek de antwoorden bij uw vragen.

De prijs van een dbc is een gemiddelde prijs

Een dbc bevat alle kosten die de zorgverlener maakt om u de juiste zorg te kunnen geven. Dus ook kosten die niet direct met uw behandeling te maken hebben. Bij het maken van de rekening kijkt de zorgverlener niet naar hoeveel zorg ú precies krijgt, maar naar het gemiddelde. Soms heeft u meer behandelingen of onderzoeken gehad. Of juist minder dan wat in de dbc staat. Toch blijft de prijs van de dbc dan gelijk.

Hoe is een dbc opgebouwd?

De code van een dbc bestaat uit 2 cijfers, 1 letter en 3 cijfers: bijvoorbeeld 15C912. Deze code zegt iets over de inhoud van het totaal aan zorgonderdelen. Denk bij een ziekenhuisbehandeling aan een consult met de specialist, een MRI-scan, een operatie of laboratoriumonderzoeken. In een dbc staan alle kosten die een zorgverlener maakt vanaf het 1e gesprek tot de behandeling klaar is. De zorgverlener declareert al deze zorgonderdelen als een dbc in 1 keer bij Zilveren Kruis.

Een eerste dbc start op de dag waarop een eerste stap wordt genomen

De eerste stap kan een eerste consult zijn, maar dat hoeft niet. De start kan zijn dat u bij de specialist komt voor een eerste onderzoek of de dag dat u belde om een afspraak te maken. Of het is de datum van een eerste gesprek tussen uw huisarts en de specialist. Uw zorgverlener weet de ingangsdatum van uw dbc.

Een behandeling kan soms wel jaren duren

De totale behandeling noemen we een zorgtraject. Een dbc mag altijd maar een looptijd van een maximaal aantal dagen hebben. Een lang zorgtraject kan dus meerdere dbc’s bevatten. Bij medische specialistische zorg is de looptijd van een dbc maximaal 120 dagen. Duurt uw behandeling langer dan het maximale aantal dagen? Dan opent uw arts een vervolg-dbc. Deze vervolg-dbc moet aansluiten op de vorige dbc. De startdatum van de vervolg-dbc is belangrijk voor de vergoeding van uw behandeling.

Een dbc is niet gebonden aan een kalenderjaar

Voor uw vergoeding kijken wij naar uw verzekering op het moment dat de dbc (of de vervolg-dbc) startte.

  • Startte de dbc op 1 november 2020, maar kreeg u een operatie in 2021? Dan kijken wij naar uw verzekering op het moment van de startdatum van de dbc. Als er eigen risico geldt voor de behandeling, betaalt u dus eigen risico voor het jaar 2020.
  • Is een vervolg-dbc gestart in een volgend kalenderjaar? En kreeg u binnen deze vervolg-dbc bijvoorbeeld een (na)controle? Dan betaalt u misschien ook eigen risico over deze vervolg-dbc.

Een rekenvoorbeeld

U betaalt eigen risico over het jaar 2020

U kwam in 2020 voor het eerst bij de arts met een klacht. De dbc is in 2020 gestart. U betaalt eigen risico voor deze dbc voor het jaar 2020. Want de startdatum van de dbc bepaalt over welk jaar u eigen risico betaalt. En dat is in dit voorbeeld 2020.

U betaalt ook over het jaar 2021 eigen risico

Stel dat een vervolg-dbc eind januari 2021 wordt geopend. U krijgt dan nog een nacontrole. Dan moet u ook voor 2021 uw eigen risico betalen. Want de startdatum van deze vervolg-dbc bepaalt over welk jaar u het eigen risico betaalt. En dat is in dit voorbeeld 2021.

U betaalt per kalenderjaar een maximum bedrag aan verplicht eigen risico. Lees meer over het eigen risico.

Of lees meer over de ziekenhuisrekening en wanneer u eigen risico betaalt

Meer over ziekenhuisrekeningen en ggz-nota’s

Op de website van de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) vindt u een handige informatiekaart over uw ziekenhuisrekening of ggz-nota.