Versie: 1.0
Datum: 1 april 2026
In het bijzonder voor de meest kwetsbare cliënten. Daarom maken we met u voor 2027 afspraken over hoe u dit binnen uw organisatie vormgeeft. Hierbij staan aandacht voor toegankelijkheid en betaalbaarheid van zorg centraal.
Dat doen we door:
Wij vinden het van groot belang dat de schaarse behandelcapaciteit zo effectief mogelijk wordt ingezet om de toegankelijkheid van zorg te verbeteren. In het inkoopbeleid van afgelopen jaren hebben wij hier uw aandacht voor gevraagd. In 2027 scherpen wij dit aan en verwachten wij een logische samenhang tussen zorgvraagtypering en setting. Dat betekent het volgende:
Om de toegankelijkheid in de GGZ te vergroten, hebben partijen in het Aanvullend Zorg en Welzijnsakkoord (AZWA) met elkaar afgesproken dat zorgaanbieders vanaf 2026 geen exclusiecriteria meer hanteren. Behalve als hier zorginhoudelijke afwegingen voor zijn.
Wij verwachten van zorgaanbieders minimaal dat zij:
De vraag naar geestelijke gezondheidzorg is de afgelopen jaren sterk toegenomen, terwijl de GGZ met forse personele problemen kampt. Daarnaast is de instroom in de GGZ hoog terwijl de doorstroom en uitstroom stagneren. Mede daarom staat de toegankelijkheid al jaren onder druk en krijgen mensen met een complexe zorgvraag niet altijd tijdig de gewenste zorg.
Samen met zorgaanbieders en andere betrokken partijen hebben wij de verantwoordelijkheid om de GGZ betaalbaar, toegankelijk en van goede kwaliteit te houden. Dat betekent: het verdelen van schaarste op een goede manier.
In ons inkoopbeleid staan daarom de volgende 3 thema’s centraal:
De toegankelijkheid in de GGZ is een maatschappelijk vraagstuk. Wij werken continu aan landelijke randvoorwaarden voor de juiste zorg op de juiste plek. Ons uitgangspunt is hierbij ‘zelf als het zelf kan, thuis als kan, digitaal als het kan en integraal als het moet’.
We sluiten aan bij de beweging ‘van zorg naar gewoon leven’. Dat betekent dat er voor, tijdens en na behandeling aandacht is voor positieve gezondheid en de sociaal maatschappelijke vraagstukken. Niet iedere hulpvraag is een medische zorgvraag die binnen de Zvw of Wlz thuishoort. Informele ondersteuning, het eigen netwerk en voorzieningen in het sociaal domein kunnen in veel gevallen bijdragen aan herstel en het voorkomen van (onnodige) zorg. Ondersteuning via een herstelcentrum kan bijvoorbeeld een goede manier zijn om te leren omgaan met psychische kwetsbaarheid. En op die manier minder afhankelijk te worden van GGZ-zorg. Dit past bij de beweging van zorg naar gewoon leven. We verwachten dat zorgaanbieders cliënten wijzen op herstelcentra en afspraken maken met herstelcentra in de regio.
We stimuleren de ontwikkeling van preventie en investeren in initiatieven die mensen met een hulp- of zorgvraag sneller naar de juiste plek leiden. Zo ontwikkelen wij digitale hulpmiddelen die onze verzekerden voorzien van handvatten om zelf met een hulpvraag aan de slag te gaan. We besteden aandacht aan preventie onder andere op het gebied van mentale gezondheid van jongeren. Onze campagne ‘Social Minderen’ is bijvoorbeeld specifiek gericht op het beter in balans brengen van socialmediagebruik onder jongeren.
Samen met de KNVB richten we ons op het bespreekbaar maken van mentale gezondheid bij jongeren op en rond het voetbalveld. Daarmee dragen we bij aan de maatschappelijke uitdagingen en proberen we niet-noodzakelijke instroom in de zorg af te buigen. Zo hopen wij de wachtlijsten te verkorten.
Verzekerden met een complexe zorgvraag moeten soms lang wachten op een intake en behandeling. De toegankelijkheid van zorg staat voor deze groep onder druk, terwijl zij juist de zorg het hardst nodig hebben. Daarom focussen wij in ons beleid op het verbeteren van de doorstroom en het vergroten van de uitstroom van verzekerden uit de GGZ.
In het bijzonder voor de meest kwetsbare cliënten. Daarom maken we met u voor 2027 afspraken over hoe u dit binnen uw organisatie vormgeeft. Hierbij staan aandacht voor toegankelijkheid en betaalbaarheid van zorg centraal.
Dat doen we door:
In het Integraal Zorgakkoord (IZA) is afgesproken om gezamenlijk inzicht te krijgen op de benodigde capaciteit, voorzieningen en infrastructuur van (boven)regionaal cruciaal zorgaanbod. Dit moet passen bij de zorgvraag van de patiënt (IZA – pagina 60-62). Om het gesprek te voeren over de cruciale GGZ in de regio’s is de Gespreksleidraad cruciale GGZ opgesteld. Zilveren Kruis neemt deze als basis voor gesprekken met zorgaanbieders over cruciale GGZ. Mochten er wijzigingen of aanpassingen zijn, dan volgen we de landelijke afspraken.
Om het zorgaanbod voor verzekerden met een complexe zorgvraag te borgen, wisselen verzekeraars signalen over het cruciale zorgaanbod met elkaar uit. Zodat deze signalen in de individuele inkoopgesprekken met de betreffende zorgaanbieders besproken kunnen worden.
Zilveren Kruis blijft zich inzetten om de acute GGZ beschikbaar te houden voor ieder die dat nodig heeft. Van zorgaanbieders verwachten we dat zij hier regionaal een actieve bijdrage aan leveren.
Behandeling binnen de GGZ is niet altijd de meest passende interventie. Soms vergt een hulpvraag van een cliënt de inzet van een ander domein. Om het schaarse GGZ-personeel goed te benutten, is een gerichte inzet en een scherpere afbakening van GGZ-zorg nodig.
Elke regio heeft een Mentaal Gezondheidsnetwerk. Binnen dit netwerk is het verkennend gesprek hét instrument het om te zorgen dat iemand snel op de juiste plek terechtkomt. Samen met het zorgveld en gemeenten realiseren wij Mentale Gezondheidsnetwerken. Dit doen wij binnen de bestaande financiële kaders.
De inzet van Mentale Gezondheidsnetwerken zorgt voor een reductie van de instroom in de GGZ. Daardoor blijft er meer capaciteit over voor zorgvragen die wel de inzet van de GGZ vereisen. Op de website van het landelijk programma Mentale Gezondheidsnetwerken staat alle relevante informatie en documentatie bij elkaar in de kennisbank.
Een groot deel van onze zorgaanbieders heeft in 2024 of 2025 één of meerdere transformatieplannen opgesteld met behulp van de IZA‑middelen en de SPUK‑transformatiemiddelen. Deze plannen richten zich op Mentale Gezondheidsnetwerken (MGN), digitale zorg of een andere, vaak inhoudelijke, transformatie.
De looptijd van de transformatieplannen is tot en met 2028. We verwachten dat in 2027 een groot deel van de opschaling in uw regio plaatsvindt, bijvoorbeeld rondom de verkennende gesprekken. In 2027 geeft u verder uitvoering aan de transformatieplannen. In uw transformatieplan heeft u samen met de regio aangegeven welke effecten u verwacht. We verwachten dan ook de eerste effecten van de transformatie in 2027 te zien. Bijvoorbeeld in de toegankelijkheid van zorg in uw regio, het voorkomen dat cliënten instromen in de lichtere doelgroep én het verschuiven van capaciteit naar de zwaardere doelgroep. We verwachten dat u in uw offerte de effecten van uw regionale Mentale Gezondheidsnetwerk in 2027 opneemt.
Zilveren Kruis voelt een grote verantwoordelijkheid om actief bij te dragen aan de noodzakelijke veranderingen binnen de GGZ. Onze inzet begint aan de voorkant waarbij we inzetten op het verbeteren van de mentale gezondheid van onze verzekerden. Tegelijkertijd vinden wij het van groot belang dat de schaarse behandelcapaciteit zo effectief mogelijk wordt ingezet om de toegankelijkheid van zorg te verbeteren. In het IZA hebben partijen afgesproken 6% behandelcapaciteit vrij te spelen.
Op basis van de inzichten uit het Zorgprestatiemodel (ZPM) blijven wij ons in 2027 richten op de effectieve inzet van groepsbehandeling, het op- en afschalen van zorg en een logische samenhang tussen zorgvraagtypering en setting. Ook gaan wij er vanuit dat zorgaanbieders geen exclusiecriteria meer hanteren. Behalve als hier zorginhoudelijke afwegingen voor zijn.
Om de toegankelijkheid in de GGZ te vergroten, hebben partijen in het Aanvullend Zorg en Welzijnsakkoord (AZWA) met elkaar afgesproken dat zorgaanbieders vanaf 2026 geen exclusiecriteria meer hanteren, behalve als hier zorginhoudelijke afwegingen voor zijn.
Wij verwachten van zorgaanbieders minimaal dat zij:
Als na de intake of tijdens de behandeling blijkt dat u onvoldoende bekwaam bent om de verzekerde te behandelen, neemt u de verzekerde niet verder in behandeling. U verwijst de verzekerde zelf door naar een passend alternatief, in overleg met de verzekerde. Daarbij zorgt u voor een warme overdracht. Zo ontlasten we de huisarts en zorgen we voor continuïteit van zorg voor onze verzekerden.
Het blijkt dat veel psychologische interventies minstens even effectief aangeboden kunnen worden in groepen. Door zorg meer in groepen aan te bieden, kunnen er meer mensen worden geholpen in dezelfde tijd. Daarom zien wij groepsbehandeling als een belangrijke mogelijkheid om zorgcapaciteit vrij te spelen.
Wij gaan ervan uit dat u behandelingen in principe in groepsvorm aanbiedt, tenzij er zorginhoudelijke overwegingen zijn om dit niet te doen. Wij monitoren het percentage groepsconsulten en kijken hierbij naar de trend in de afgelopen jaren (zie bijlage 1 voor een KPI beschrijving die wij mogelijk met u kunnen afspreken). Wanneer wij opvallende variatie zien, bijvoorbeeld een percentage dat (ver) onder het gemiddelde ligt of geen toename in het percentage groepsconsulten in de afgelopen jaren, kunnen wij het gesprek met u hierover aangaan. En mogelijk hier consequenties aan verbinden.
Wij zien dat er groepsconsulten gedeclareerd worden waarbij 4 of meer behandelaren tegelijkertijd aanwezig zijn. Het schaarse personeel, dat nodig is voor het tijdig behandelen van mensen (met complexe zorgvragen), lijkt hiermee niet effectief te worden ingezet. Wij gaan ervan uit dat u in principe maximaal 2 consultregistrerende behandelaren inzet, ongeacht de groepsgrootte (zie bijlage 1 voor een KPI beschrijving die wij mogelijk met u kunnen afspreken). Op basis van onze monitoring en gesprekken met het zorgveld merken wij dat deze inzet het meest gangbaar is. Wij blijven de inzet van het aantal behandelaren bij groepsconsulten volgen. Waar nodig gaan we hierover met u in gesprek en kunnen hier mogelijk consequenties aan verbinden.
Vanaf 2027 werken zorgverzekeraars samen om passende zorgpraktijken verder op te schalen. Een impactvolle interventie binnen de GGZ is de inzet van groepsbehandelingen. Dit draagt aantoonbaar bij aan het vrijspelen van behandelcapaciteit en het verkorten van wachttijden voor cliënten.
Onze gezamenlijke inzet betekent dat wij als zorgverzekeraars:
Voor de meeste cliënten wordt gedurende het gehele traject slechts 1 setting en/of 1 verblijfzwaarte gedeclareerd. Dit beperkt de doorstroom en beïnvloedt de zorgkosten. We verwachten dat er in de meeste gevallen gedurende het zorgtraject een zichtbare verandering optreedt in bijvoorbeeld de zwaarte van de setting of verblijfszwaarte.
Wij gaan ervan uit dat u de Handreiking Zorgvraagtypering GGZ1 volgt, en op logische momenten in het behandelproces het zorgvraagtype evalueert. Voor elk zorgvraagtype geldt een richtinggevende evaluatietermijn. Wij verwachten dat u ook de keuze voor de setting en/of de verblijfszwaarte (deelprestatie verblijf) evalueert en waar nodig aanpast, met als doel de juiste zorg op de juiste plek te leveren.
Wij gaan ervan uit dat op basis van de zorgvraag van de cliënt, de best passende setting wordt gekozen. Zie voor meer informatie de NZa informatiekaart Settings in het zorgprestatiemodel. Consulten binnen de klinische setting declareert u alleen voor de opnameperiode, dat wil zeggen van de dag van opname tot maximaal de dag van klinisch ontslag. Consulten vóór of na deze opnameperiode vallen binnen één van de ambulante settings.
1 Downloads - Zorgprestatiemodel
Het zorgvraagtype maakt de zwaarte van de zorg die nodig is voor de cliënt duidelijker. Met zorgvraagtypering kan makkelijker worden besproken wat gepaste en doelmatige zorg is. Eén van de doelen is om beter te voorspellen welke zorg en hoeveelheid daarvan nodig is voor groepen cliënten. En om daarover passende afspraken te maken. Daarbij is het belangrijk dat zorgvraagtypering juist wordt vastgelegd en tijdig wordt aangepast als de zorgvraag wijzigt.
Hoewel we nog met elkaar leren over zorgvraagtypering, hebben wij op basis van gesprekken met zorgaanbieders over passende zorg een conclusie getrokken over de inzet van zorgvraagtype 1 en 2. Wij vergoeden zorgvraagtype 1 en 2 niet in de klinische of hoogspecialistische setting, maar tegen het monodisciplinaire tarief (setting 2). Vanaf 2027 vergoeden wij zorgvraagtype 1 en 2 ook niet langer in de outreachende setting, maar tegen het monodisciplinaire tarief (setting 2). Daarnaast vergoeden wij vanaf 2027 diagnoses binnen de basis GGZ (bGGZ) alleen nog tegen het monodisciplinaire tarief (setting 2).
In het kader van de juiste zorg op de juiste plek verwacht Zilveren Kruis dat zorgaanbieders setting 8 van het Zorgprestatiemodel alleen declareren voor cliënten die hiervoor in aanmerking komen. Deze cliënten moeten voldoen aan de eisen voor hoogspecialistische zorg zoals beschreven in de Handreiking contractering setting Hoogspecialistische GGZ. Wij stellen de voorwaarde dat de zorgaanbieder, die zorg levert in setting 8 Hoogspecialistische GGZ met het keurmerk TopGGZ, 1 van de 5 Decision tools van TopGGZ gebruikt ter onderbouwing. En dit vastlegt in het patiëntdossier. Daarnaast moet de verwijsbrief in het patiëntdossier zijn opgenomen, met een onderbouwing dat behandeling in de SGGZ niet afdoende is gebleken. Zilveren Kruis kan hier op monitoren en zo nodig consequenties aan verbinden.
Het Integraal Zorgakkoord (IZA) en het Aanvullend Zorg en Welzijnsakkoord (AZWA) benadrukken het belang van het verbeteren van de toegankelijkheid van zorg, onder andere door het vrijspelen van behandelcapaciteit. De IZA-afspraak om 6% behandelcapaciteit vrij te spelen blijft hierbij centraal staan. Zilveren Kruis ziet een belangrijke rol weggelegd voor de inzet van digitale en hybride zorg om deze doelstelling te behalen.
De afgelopen jaren hebben zorgverzekeraars en zorgaanbieders samengewerkt om de inzet van digitale en hybride zorg te versnellen. In dit kader is in kaart gebracht welke vormen van zorg geschikt zijn om hybride en digitaal te leveren. Vanaf 2026 wordt van zorgaanbieders verwacht dat behandelingen, waar mogelijk en passend, digitaal of hybride worden aangeboden.
Volgens het IZA moet minimaal 70% van de behandelingen hybride aangeboden worden, waarbij minimaal 50% van de cliënten hier gebruik van maakt (zie bijlage 1 voor een KPI beschrijving die wij mogelijk met u kunnen afspreken). Daarnaast is in het AZWA afgesproken dat hybride zorgaanbod het uitgangspunt is, tenzij er zorginhoudelijke redenen zijn waarom dit niet passend is. Zilveren Kruis verwacht dat zorgaanbieders alle cliënten actief de mogelijkheid bieden om digitale of hybride zorg te ontvangen, ook tijdens de wachttijd voor behandeling.
Deze afspraken baseren we op het plan van aanpak dat u voor 2026 heeft aangeleverd of op de afspraken uit uw transformatieplan. We richten ons hierbij op het opschalen van twee bestaande digitale of hybride initiatieven en op de start van minimaal één nieuw initiatief. U levert uw initiatieven voor opschaling aan via de inhoudelijk aanbiedingsbrief waarna uw inkoper hierover met u in gesprek gaat.
Digitale en hybride zorg kunnen op verschillende manieren bijdragen aan het vrijspelen van behandelcapaciteit. Dit kan door de indirecte tijd van behandelaren te verminderen, bijvoorbeeld via spraakgestuurd rapporteren. Daarnaast kan het zorggebruik afnemen wanneer fysieke consulten worden vervangen door digitale toepassingen, zoals autonome online EMDR of zelfhulpmodules. Digitale ondersteuning tijdens de behandeling, zoals exposure via VR of online EMDR, draagt bij aan een efficiëntere inrichting van zorgprocessen.
Om meer inzicht te krijgen in de toepassing van digitale zorg door zorgaanbieders, vragen wij u het zorglabel S01 mee te geven op de declaratie van elk digitaal consult. Het gaat hierbij dus om directe patiëntgebonden interacties via bijvoorbeeld beeldbellen of chat (screen-to-screen- of bit-to-bit-communicatie). Als dit niet mogelijk is in het Elektronisch Patiëntendossier (EPD), verzoeken wij u om hierover zo spoedig mogelijk het gesprek aan te gaan met uw EPD-leverancier om dit alsnog mogelijk te maken.
Dat doen zij zoveel mogelijk op basis van bestaande oplossingen met de status ‘Kansrijk voor opschaling’ en ‘Pas toe of leg uit’ van Digizo.nu.
Samen met zorgprofessionals merken we dat de zorgvraag harder stijgt dan je op basis van vergrijzing verwacht. Terwijl de beschikbare capaciteit onvoldoende meegroeit. In ons inkoopbeleid leest u onze visie hoe we deze maatschappelijke opgave samen met u aanpakken. Zo zorgen we voor een toekomst waarin zorg toegankelijk, betaalbaar en van goede kwaliteit is.
De zorg verandert: minder professionals, meer zorg thuis, dichtbij of digitaal. Samen met zorgaanbieders stimuleren we zelfregie en werken met ons Zorgkantoor aan een zorgzame samenleving. Zo versnellen we de beweging Van Zorg naar Gewoon Leven. Niet iedere hulpvraag hoeft met zorg opgelost te worden. Maar als zorg nodig is, zorgen we dat die passend, doelmatig en efficiënt is. Met innovatie en transformatie verminderen we onnodige professionele zorg. Basis daarvoor zijn de regioplannen. De transformatieplannen waarin we samen investeren, borgen we in contracten.
Lees meer over hoe Zilveren Kruis onze maatschappelijke opdracht invult
Vanaf 2023 stellen wij kwaliteitseisen aan de behandeling met rTMS:
Zilveren Kruis vindt het belangrijk dat bij langdurig medisch verblijf in de GGZ (langer dan 365 dagen) de verblijfscomponent noodzakelijk is voor de geneeskundige – curatieve – behandeling in de GGZ. Daarom hanteren wij een machtiging voor langdurig klinisch verblijf. U vult hiervoor de checklist langdurige GGZ in.
U vraagt een machtiging aan in de 9e maand van de behandeling. Een machtiging is maximaal 12 maanden geldig. Verlenen wij geen machtiging? Dan rondt u de behandeling af en/of laat u de cliënt doorstromen naar huis. Dit kan eventueel met ondersteuning vanuit de Wmo of de Wlz.
Wij vinden het van groot belang dat verslavingszorg zo doelmatig mogelijk wordt ingezet. Daarom gaan wij uit van de volgende criteria:
Het besluit of de behandeling wordt overgeheveld naar de Wlz wordt door VWS heroverwogen. We volgen de landelijke discussie omtrent de overheveling van de behandeling van de Zvw naar de Wlz. Als dat nodig is publiceren wij aanvullend inkoopbeleid.
Totdat er een landelijk besluit is genomen over de overheveling behandeling, kunnen wij met u het gesprek aan gaan over het ‘overgangsrecht’. In goed overleg maken we waar mogelijk regionale afspraken, vooruitlopend op de landelijke duiding. We bekijken met zorgaanbieders de mogelijkheid afspraken te maken over integrale bekostiging in de Wlz. Daarnaast verkennen wij met zorgaanbieders de mogelijk van integrale bekostiging binnen de Wlz, zodat de overgang hier naartoe zo spoedig mogelijk kan plaatsvinden.
Zorgcoördinatie ondersteunt verzekerden en zorgverleners bij het vinden van passende zorg bij een acute, niet-levensbedreigende zorgvraag. Ook kan zorgcoördinatie bijdragen aan de toegankelijkheid en kwaliteit van de acute zorg in Nederland.
In het Integraal Zorgakkoord (IZA) is afgesproken om zorgcoördinatie landelijk te implementeren. Vanuit de ROAZ-regio’s werken partijen samen aan het inrichten en doorontwikkelen van zorgcoördinatie. Het ROAZ coördineert deze regionale uitwerking. We verwachten dat u als zorgaanbieder bijdraagt aan de implementatie van zorgcoördinatie, in lijn met het daartoe vanuit de ROAZ opgestelde transformatieplan.
Zorgverzekeraars volgen de ontwikkelingen rondom zorgcoördinatie in relatie tot ons gepubliceerde inkoopbeleid. Als deze ontwikkelingen hiertoe aanleiding geven, publiceren wij aanvullend beleid.
Zorg hoort te voldoen aan de minimumnormen van de wetenschappelijke verenigingen, van de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd en aan onze kwaliteitsvoorwaarden. Maar kwaliteit is voor ons meer dan het borgen van basiskwaliteit in onze contracten. We willen dat de kwaliteit continu verbetert binnen de kaders van betaalbaarheid en toegankelijkheid. Daarom vragen we ook aandacht voor ongewenste praktijkvariatie en transparantie van kwaliteit. Zo bieden we verzekerden en patiënten informatie die ze nodig hebben om weloverwogen keuzes te maken.
In de Wet kwaliteit, klachten en geschillen zorg (Wkkgz) staat dat zorgaanbieders informatie mogen delen over de geleverde zorg, zoals kwaliteitsinformatie en cliëntervaringen. Hoewel landelijke ontwikkelingen hierover nog gaande zijn, willen wij u alvast aanmoedigen dit in praktijk te brengen. Hierbij helpt het om binnen uw eigen organisatie (en met andere organisaties) op basis van data het gesprek aan te gaan over kwaliteit en passende zorg.
Achmea, waar Zilveren Kruis onderdeel van uit maakt, bouwt aan een toekomst waarin mens, milieu en economie in balans zijn. Speerpunten zijn het verminderen van CO2-uitstoot, het investeren in groene energie en het stimuleren van duurzaam gedrag bij verzekerden en medewerkers. We ondersteunen initiatieven die bijdragen aan een gezonde leefomgeving en een sterke sociale samenleving.
Zilveren Kruis wil bijdragen aan het verlagen van de klimaat- en milieu impact van de zorg. Dit doen we door, naast verduurzaming van onze eigen bedrijfsvoering, zorgaanbieders te stimuleren om (verder) te verduurzamen door in gesprek te gaan en samen naar initiatieven en oplossingen te zoeken.
We verwachten van zorgaanbieders dat zij:
We dragen bij aan inspiratie en handelingsperspectief voor zorgaanbieders door de verspreiding van groene voorbeelden in de zorgsector, zie tabel groene initiatieven voor Groene Initiatieven die de zorgverzekeraars daartoe hebben verzameld. Groene initiatieven zijn ook te vinden op de website van de GDDZ en Groene Zorgalliantie (GZA). Lees meer over het landelijk uniforme zorginkoopbeleid GGZ op de website van ZN.
Lees in dit hoofdstuk over onze voorwaarden. Over wie voor een overeenkomst in aanmerking komt. En welke voorwaarden aan u gesteld worden.
Binnen dit inkoopbeleid vallen de geïntegreerde GGZ-instellingen en instellingen met een minimale Zilveren Kruis-omzet vanaf € 3 miljoen voor GGZ op grond van de Zorgverzekeringswet (Zvw). Om dit te bepalen gebruiken wij declaratiedata van het jaar 2025. Daarnaast kan een instelling op basis van andere criteria wel of niet onder deze inkoopprocedure vallen. Uiterlijk op 1 mei 2026 nemen wij contact op met de betreffende instellingen.
Heeft u in 2026 een overeenkomst met Zilveren Kruis en heeft u deze via de offerteprocedure gesloten? Dan krijgt u in beginsel een uitnodiging voor de contractering 2027.
De afgelopen jaren stijgt de vraag naar GGZ-zorg. Daarnaast zien wij dat onze verzekerden langer in zorg blijven. Ten slotte is er sprake van krapte op de arbeidsmarkt. Dit alles zorgt soms voor lange wachttijden in de GGZ, waardoor onze verzekerden niet altijd tijdig de juiste zorg op de juiste plek ontvangen.
Een belangrijk uitgangspunt van ons beleid is dat de wachttijden voor onze verzekerden binnen de Treeknormen vallen. Verzekerden moeten binnen deze normen kunnen starten met de intake en behandeling. Dit doen we door:
Zilveren Kruis sluit aan bij de landelijke ontwikkelingen van het Actieplan Wachttijden. Daarbij werken GGZ-aanbieders, verwijzers, het sociaal domein en financiers in de regio samen om cliënten zo snel mogelijk de juiste zorg op de juiste plek te bieden. In deze aanpak is aandacht voor de verbetering van de instroom, doorstroom en uitstroom van cliënten om de toegankelijkheid van zorg te verbeteren. Van GGZ-aanbieders verwachten wij dat zij, daar waar de wachttijden te lang zijn, meewerken en samenwerken aan het verkorten van de wachttijden.
De afspraken die we met zorgaanbieders hierover willen maken en vastleggen in het contract zijn:
NB: Bij het bereiken van uw zorgplafond neemt u contact op met Zilveren Kruis voordat u nieuwe verzekerden in zorg neemt.
Wij verwachten van alle zorgaanbieders dat u de informatie tijdig en correct aanlevert bij het Zorgbeeldportaal, volgens de landelijke afspraken en de Transparantieregeling van de NZa. Dit geldt totdat de Nza dit niet langer van u verlangt. Doet u dit niet, dan gaan wij hierover met u in gesprek en kunnen wij hier consequenties aan verbinden.
Vanaf 1 januari 2026 is het verplicht om de verwijsdatum als informatie-element op te nemen in het declaratieverkeer. Voor meer informatie verwijzen wij u naar informatiekaart van de Nederlandse Zorgautoriteit. Zilveren Kruis kan monitoren hoe de aanlevering verloopt en hierover met u in gesprek gaan.
De Nederlandse zorgautoriteit overweegt om vanaf 2027 vestigingsinformatie als verplicht informatie-element op te nemen in het declaratieverkeer. Wij volgen deze ontwikkeling op de voet. Zodra dit informatie-element definitief is opgenomen in de regelgeving, vragen we u om vestigingsinformatie mee te geven in het declaratieverkeer.
Met de huidige declaratiedata kunnen we wachttijden alleen berekenen voor de zorgaanbieder in geheel. Daardoor kunnen we de wachttijden nog niet bekijken per vestiging. Daarom is het nodig dat de declaratiedata wordt aangevuld met informatie over de locatie waar de zorg is geleverd.
Beter inzicht in de zorg die zorgaanbieders leveren, helpt ons de toegankelijkheid van zorg voor onze verzekerden te verbeteren via adequate zorginkoop en zorgbemiddeling. Daarom vragen we u om bij uw inhoudelijke brief 2027 een overzicht aan te leveren van de exclusiecriteria die u hanteert.
Om de toegankelijkheid in de GGZ te vergroten, hebben partijen in het Aanvullend Zorg en Welzijnsakkoord (AZWA) met elkaar afgesproken dat zorgaanbieders vanaf 2026 geen exclusiecriteria meer hanteren. Behalve als hier zorginhoudelijke afwegingen voor zijn.
Wij verwachten van zorgaanbieders minimaal dat zij:
2, 3, 4 Gebaseerd op het beroepsprofiel van de GZ-psycholoog.
Ontvangen wij signalen, bijvoorbeeld van onze afdeling zorgbemiddeling, dat u onze verzekerden weigert zonder zorginhoudelijke afweging, dan nemen wij contact met u op. Hieraan kunnen wij consequenties verbinden voor uw overeenkomst.
Zilveren Kruis ziet dat steeds meer zorgaanbieders zich, zonder zorginhoudelijke redenen, exclusief richten op specifieke groepen verzekerden. Het gaat bijvoorbeeld om mannen of vrouwen, mensen met een zintuiglijke handicap, anderstaligen of verzekerden binnen een bepaalde beroepsgroep, zoals artsen of piloten. Daarmee worden andere verzekerden structureel uitgesloten van behandeling. Wij vinden dit, met het oog op de toegankelijkheid van zorg, een ongunstige ontwikkeling. Zo nodig nemen wij hierover contact met u op, met als doel de toegankelijkheid van zorg te vergroten.
Passende hybride zorg is één van de oplossingen voor het toekomstbestendig houden van de zorg. Transmurale en digitale samenwerking tussen zorgaanbieders is daarbij onmisbaar. Dit kan alleen met goede databeschikbaarheid en veilige gegevensuitwisseling. De Europese verordening European Health Data Space (EHDS) en de Wet elektronische gegevensuitwisseling in de Zorg (Wegiz) verplichten u om zorggegevens elektronisch uit te wisselen. Hierdoor is informatie sneller beschikbaar en ontstaan er minder fouten.
De Cyberbeveiligingswet treedt naar verwachting eind 2026 in werking, ook voor de zorg. De NEN-normen 7510, 7512 en 7513 dekken veel, maar niet alles van deze wet. Zodra de wet geldt, moet uw cyberbeveiliging volgens de nieuwe regels op orde zijn. Tot die tijd verwachten wij dat u aan de eerdergenoemde NEN-normen voldoet.
Wij verwachten dat u in 2027 aangesloten bent op Mitz en Zorg-AB en ervoor zorgt dat gegevens in het adresboek volledig en actueel zijn. De beschikbaarheid van deze en andere gemeenschappelijke voorzieningen voor gegevensuitwisseling is afhankelijk van landelijke programma’s en de oplevering door leveranciers. Een regionale samenwerkingsorganisatie (RSO) zorgt voor afstemming, ondersteunt bij de aansluiting en helpt u bij de uitvoering. Om digitale gegevensuitwisseling te realiseren, is het wenselijk om aansluiting bij een bestaande of nieuwe RSO te verkennen als u nog geen lid bent. Bent u geen lid? Dan verwachten wij dat u ons op verzoek informeert over de voortgang van uw aansluiting op de landelijke programma’s voor gegevensuitwisseling. Lukt het u voor contractering in 2027 niet om op Mitz aan te sluiten of uw gegevens in het Zorg-AB te krijgen? Neem dan contact op met uw zorginkoper en bespreek hoe u dit in 2027 gaat realiseren.
Kijk voor meer informatie op het kennisplein van Zilveren Kruis en de website van Zorgverzekeraars Nederland. Voor informatie over landelijke en regionale programma’s kunt u terecht op de website van RSO Nederland.
AI kan bijdragen aan een hogere productiviteit, betere zorgkwaliteit en lagere operationele kosten. Om deze potentie te benutten, streven we ernaar dat AI in 2030 een standaard onderdeel van de zorg is. Daarom verwachten we dat zorgaanbieders in 2027 een duidelijke strategie voor de toepassing en implementatie van AI hebben. En deze vertalen naar het gebruik van AI-toepassingen in hun primaire en ondersteunende processen.
Wij gaan ervan uit dat u aan de vereisten van de Wet toetreding zorgaanbieders (Wtza) voldoet en blijft voldoen. Voldoet u hier niet (meer) aan? Dan kunnen wij besluiten u geen overeenkomst aan te bieden of de overeenkomst met u te beëindigen. Wij beëindigen de overeenkomst in ieder geval als uw toelatingsvergunning van overheidswege wordt ingetrokken of als (uiteindelijk) blijkt dat u ten onrechte niet over een toelatingsvergunning beschikt.
Let op! Per 1 januari 2025 is de vergunningplicht onder de Wtza gewijzigd. Dit betekent dat de vergunningplicht vanaf dan ook geldt voor alle zorgaanbieders die met minder dan 11 zorgverleners zorg verlenen op grond van de Zorgverzekeringswet of Wet langdurige zorg. Zie voor meer informatie de website van het CIBG.
Om de instroom van ongekwalificeerde zorgverleners te voorkomen, onderzoekt de contractant bij het aannemen van nieuwe zorgverleners of zij geschikt zijn om beroepsmatig zorg te verlenen. Dit gebeurt volgens de vergewisplicht zoals vastgelegd in de Wet kwaliteit, klachten en geschillen zorg (Wkkgz).
Voor 2027 gebruiken we de Zilveren Kruis maximumtarieven als basis. Zo is voor u helder waarop het tariefpercentage van uw contract is gebaseerd.
Wij verstaan onder kernregio de Zilveren Kruis zorgkantoorregio’s waarin wij een marktaandeel van minimaal 30% hebben.
Dit zijn de overige zorgaanbieders binnen dit inkoopbeleid.
De tariefopslag voor het Keurmerk Kortdurende Generalistische GGZ is in uw afspraak verwerkt. Sinds 2025 geldt het Keurmerk voor de gehele monodisciplinaire setting, in plaats van alleen voor GZ-psychologen en verpleegkundig specialisten. Beschikt u in 2027 niet langer over het keurmerk terwijl u dit in het verleden wel had? Dan corrigeren wij dit in het tariefpercentage dat wij met u afspreken. Bent u in 2027 een nieuwe houder van het keurmerk? Dan verwerken wij dit in uw tariefpercentage.
In bijlage 3 staan deze prestaties beschreven.
Als u met ons 1 of meerdere omzetplafonds heeft afgesproken, kunt u tot uiterlijk 1 september van het lopende contractjaar een verwachte overschrijding melden en een onderbouwd verzoek indienen om uw omzetplafond te verhogen.
Bij een tijdig ingediend verzoek kijken we eerst of er voldoende alternatief zorgaanbod beschikbaar is bij onze gecontracteerde zorgaanbieders om onze verzekerden naar door te verwijzen. Als dat het geval is, bemiddelen wij verzekerden door en wordt uw omzetplafond niet opgehoogd.
Zijn er onvoldoende alternatieve zorgaanbieders in de regio beschikbaar? Dan beoordelen we uw verzoek aan de hand van de volgende criteria:
Vanaf 1 september beoordelen we of we nog extra informatie nodig hebben om uw verzoek goed te kunnen beoordelen. Zilveren Kruis streeft ernaar om binnen 2 weken na ontvangst van alle benodigde informatie een beslissing te nemen. Totdat u een reactie ontvangt, blijft uw omzetplafond ongewijzigd.
In de zomer bespreken we gezamenlijk uw inhoudelijke initiatieven. Zo hebben we voldoende tijd om samen inhoudelijke afspraken te maken. In uw aanbiedingsbrief besteedt u aandacht hoe u inzet op het vergroten van de instroom, doorstroom en uitstroom in uw organisatie om de toegankelijkheid in de GGZ te verbeteren. Daarnaast lezen we graag terug:
Met het indienen van uw aanbiedingsbrief geeft u aan dat u op de hoogte bent van de inhoud van het inkoopbeleid, inclusief bijlagen. U gaat daarbij onvoorwaardelijk akkoord met onze inkoopprocedure en de hieraan verbonden voorwaarden.
* Zilveren Kruis heeft op basis van declaratiedata een toegankelijkheidsmonitor ontwikkeld. Een kwartaalrapportage o.b.v. deze monitor ontvangt u via uw inkoper.
| Datum | Onderwerp | Wie |
|---|---|---|
1 april 2026 |
Publicatie inkoopbeleid Geestelijke Gezondheidszorg – Offerte instellingen 2027 | Zilveren Kruis |
| Uiterlijk 15 mei 2026 | Laatste dag voor opmerkingen en om vragen te stellen over het inkoopbeleid Geestelijke Gezondheidszorg -Offerte instellingen 2027 | Zorgaanbieder |
Uiterlijk 1 juli 2026 |
U levert uw inhoudelijke aanbiedingsbrief aan bij uw inkoper | Zorgaanbieder |
Uiterlijk 15 juli 2026 |
U ontvangt de standaardovereenkomst 2027 | Zilveren Kruis |
| 1 september 2026 | Offerte indienen door zorgaanbieder | Zorgaanbieder |
| Uiterlijk 1 september 2026 | Start inkoopgesprekken na ontvangst van offerte | Zilveren Kruis |
12 november 2026 |
Alle contractanten Geestelijke Gezondheidszorg – Offerte instellingen 2027 zijn voor onze klanten zichtbaar op de zorgzoeker van Zilveren Kruis. | Zilveren Kruis |
Eén van onze verantwoordelijkheden is het beoordelen of de zorg die vergoed wordt, aan de wettelijke eisen voldoet en/of feitelijk en terecht geleverd is. Wij kennen hiervoor de volgende controleprocessen:
Zilveren Kruis sluit bij de inkoop van zorgondersteunende activiteiten aan bij de eisen van de NZa, het Zorginstituut en het ministerie van VWS. Zorgondersteunende activiteiten zijn collectieve activiteiten die aantoonbaar bijdragen aan de kwaliteit, toegankelijkheid en betaalbaarheid van Zvw-verzekerde zorg. Ze zijn niet gericht op individuele zorgverlening aan een patiënt. Ook zijn ze erkend als integraal onderdeel van Zvw-verzekerde zorg. Wij kopen zorgondersteunende activiteiten in via vastgestelde NZa prestatiebeschrijvingen; waaronder de overige functies van de Mentale Gezondheidsnetwerken (MGN).
Dit doen zij in een verplichte projectadministratie. Deze administratie bevat een compleet overzicht van de werkelijke kosten en activiteiten over 2027 en een bestuursverklaring.
Bevindingen uit het evaluatiegesprek gebruiken we om afspraken voor het volgende jaar aan te scherpen. Zo verbeteren we samen stap voor stap de resultaten en werken we aan een duurzaam stelsel voor alle zorgondersteunende activiteiten. Deze werkwijze zorgt voor transparantie en proportionele verantwoording.
Het controleren of zorg die we vergoeden voldoen aan de wettelijke eisen is 1 van onze verantwoordelijkheden. Ook controleren wij of zorgaanbieders zich houden aan afspraken die zij met ons maken. Daarnaast kunnen we de feitelijke onderbouwing van de projectadministratie controleren als aanvulling op het evaluatiegesprek. Natuurlijk voeren wij deze controles uit met inachtneming van de privacywetgeving (AVG en UAVG).
In deze bijlage zijn key prestatie indicatoren (KPI’s) opgenomen die inzicht geven in de uitvoering en effecten van het inkoopbeleid Geestelijke Gezondheidszorg – Offerte instellingen 2027. De KPI’s zijn ondersteunend aan monitoring en het inhoudelijke gesprek met zorgaanbieders over gezamenlijke verbetering. De concrete toepassing en eventuele normstelling van KPI’s kan verschillen tussen zorgaanbieders. Indien van toepassing maken wij daar graag met u nadere afspraken maken over.
De KPI’s beschrijven wat wordt gemeten en door wie dit wordt gemeten. In deze bijlage worden geen normen opgenomen. Afspraken over toepassing, normering en vervolgacties worden – indien aan de orde – separaat in overleg gemaakt en contractueel vastgelegd.
De volgende KPI’s worden altijd samen afgesproken:
Zilveren Kruis monitort deze KPI's op basis van declaratiedata.
Het aandeel minuten groepsconsulten (prestatiecodes GC0073 t/m GC0144) met 1 of 2 behandelaren ten opzichte van het totaal aantal gedeclareerde minuten groepsconsulten is minimaal XX% in schadejaar 2027. Zilveren Kruis monitort deze KPI op basis van declaratiedata.
In 2027 neemt het aandeel ZK-verzekerden van (doel)groep X, dat maakt gebruik maakt van toepassing Y, met minimaal XX procentpunt toe t.o.v. 202X. U bent verantwoordelijk voor het aanleveren van deze gegevens. Uw inkoper gaat hierover met u in gesprek.
Het betreft de volgende prestaties: