Bij medische noodzaak (voor een medicijn) maakt u aanspraak op een speciaal geneesmiddel, omdat het gebruik van een standaard (generiek) middel medisch gezien niet verantwoord is.
Bijvoorbeeld als u allergisch bent voor een bestanddeel in het generieke middel. Meestal wordt ‘medische noodzaak’ voorgeschreven bij een duurder merkgeneesmiddel. Maar het kan ook gaan om een generiek middel van een andere fabrikant.
Medische noodzaak in de praktijk
In de meeste gevallen schrijft de arts een stofnaam voor (bijvoorbeeld ‘omeprazol’). De apotheker levert een medicijn met deze werkzame stof. Als de arts vindt dat een patiënt een specifiek merk nodig heeft, schrijft hij/zij het merk op het recept (bijvoorbeeld ‘Losec’), met de vermelding ‘m.n.’ (= medische noodzaak). De apotheker beoordeelt de medische noodzaak en levert in principe het merkmedicijn dat de arts voorschrijft.
Merkgeneesmiddelen noemen we ook wel ‘specialité’ of ‘single source’. Merkloze geneesmiddelen (op stofnaam) heten ook wel ‘generiek’ of ‘multi-source’.
Wanneer is sprake van medische noodzaak?
Dit zijn de meest voorkomende redenen:
- Overgevoelig voor een hulpstof in het generieke geneesmiddel. Bij overgevoeligheid voor een hulpstof – bijvoorbeeld lactose - moet de verzekerde dit melden bij de arts of de apotheek. Overgevoeligheid kan ook blijken uit de diagnose van de arts. De apotheek zorgt ervoor dat de patiënt een geneesmiddel krijgt waar de hulpstof niet in zit.
- Een bepaalde hulpstof veroorzaakt een snellere of juist tragere opname van het geneesmiddel in het lichaam. Als een patiënt dan overstapt op een andere variant van het middel, kan dit bij bepaalde geneesmiddelen problemen geven. De apotheek weet om welke middelen het gaat. Het apotheeksysteem geeft een waarschuwing als iemand wil overstappen naar een andere variant van het middel.
- Het medicijn wordt toegediend via een inhaler (bij astma en COPD). Sommige mensen vinden inhaleren heel moeilijk. Als zij een bepaald inhalatieapparaat dan eindelijk onder de knie hebben, kan de arts het medisch noodzakelijk vinden om dit inhalatiesysteem te blijven gebruiken.
Wie bepaalt of er sprake is van medische noodzaak?
De arts stelt de diagnose en zet eventueel 'medisch noodzakelijk’ op het recept. De apotheker kan dit nooit zelf doen, u als verzekerde ook niet.
Moet de apotheek altijd het merkmedicijn leveren als de arts ‘medische noodzaak’ vermeldt?
Dat hoeft niet. De apotheker beoordeelt de medische noodzaak op het recept. Vaak zal hij of zij het advies van de arts overnemen. Maar de apotheker kan er ook voor kiezen om een ander middel te leveren als er een goed alternatief is voor het merkmedicijn, met dezelfde werkzame stof. Dit zal altijd gebeuren in overleg met de arts.